De richtlijn is oorspronkelijk ontwikkeld door de richtlijnwerkgroep Testistumoren en op 1 juli 2002 geautoriseerd. In 2008 is de richtlijn door de landelijke werkgroep Urologische Tumoren gereviseerd en aan de wetenschappelijke verenigingen aangeboden ter autorisatie. Autorisatie van de gereviseerde richtlijn heeft plaatsgevonden in 2009.
Voorwoord
De Landelijke Werkgroep Urologische Tumoren heeft tot doel het schrijven van integrale, landelijke richtlijnen voor de diagnostiek, behandeling en follow-up van urologische tumoren, ter bevordering van de kwaliteit van zorg voor deze patiënten. Deze richtlijn voor diagnostiek en behandeling van kiemceltumoren van de testis is bedoeld voor medisch specialisten, huisartsen en oncologie-verpleegkundigen.
VIKC-richtlijnen geven over een omschreven onderwerp een inventarisatie van de ‘stand der wetenschap' op het moment van publicatie. Richtlijnen zijn geen dwingende voorschriften, maar geven een ondersteuning voor het medisch handelen. De gegeven adviezen moeten worden gezien als de ‘minimale standaard' die in de meest voorkomende gevallen een handelwijze aangeven, welke in de beroepsgroep een breed draagvlak heeft. Specifieke omstandigheden kunnen het noodzakelijk maken dat voor een andere handelwijze gekozen wordt: in deze gevallen zal derhalve afgeweken worden van de richtlijn. Afwijken van de richtlijn dient, met redenen omkleed, duidelijk in de status vermeld te worden.
Landelijke richtlijnen hebben per definitie een globaal karakter: aanpassing ervan op lokaal niveau kan wenselijk en/of noodzakelijk zijn. Daarnaast kan een landelijke richtlijn aanleiding zijn om een reeds bestaand lokaal protocol aan te passen of te wijzigen.
Woord van aanbeveling Deze richtlijn is opgesteld door de Landelijke Werkgroep Urologische Tumoren. De werkgroep is samengesteld uit gemandateerde vertegenwoordigers uit de regionale Integrale Kanker Centra en van de Nederlandse Vereniging van Urologie, de Nederlandse Vereniging voor Medische Oncologie, de Nederlandse Vereniging voor Radiotherapie en Oncologie, de Nederlandse Vereniging voor Pathologie, de Nederlandse Vereniging voor Klinische Chemie, de Nederlandse Vereniging voor Psycho-Oncologie en de Vereniging van Oncologie Verpleegkundigen.
Algemeen
Tumoren van de testis worden ingedeeld in kiemceltumoren, stroma tumoren en overige tumoren (o.a. maligne lymfomen). Tumoren van paratesticulaire structuren vormen een aparte groep. Deze richtlijn beperkt zich tot de (postpuberale) kiemceltumoren (seminoom en non-seminoom) van de testis. In de tekst wordt gemakshalve gesproken over testiscarcinoom.
De incidentie van het testiscarcinoom is 4-6 per 100.000 mannen per jaar, met een geringe jaarlijkse toename. De mortaliteit bedraagt 0.3 per 100.000 mannen per jaar. Dit betekent dat in Nederland jaarlijks bij 400 mannen de diagnose wordt gesteld en dat ongeveer 25 mannen per jaar aan deze tumor overlijden. Seminomen en non-seminomen zijn nagenoeg gelijk verdeeld. De hoogste incidentie wordt bij het non-seminoom gezien in de 2de-3de decade en bij het seminoom in de 4de decade.
Kiemceltumoren van de testis zijn in het algemeen snel groeiende, agressieve tumoren, die primair uitzaaien naar de ipsilaterale lymfeklieren bij de nierhilus en verder hematogeen naar de longen. Toch behoren zij tot de maligne tumoren met de beste prognose. Dit is vooral te danken aan de introductie in de laatste 20 jaar van nieuwe chemotherapie schema's en verbeterde chirurgische technieken. Vanwege het weinig frequente voorkomen en de vaak ingewikkelde multidisciplinaire behandelingen worden de beste resultaten bereikt in gespecialiseerde centra.